Persbericht boekvoorstelling “Ebola: The Politics of Fear”

Angst verlamde de reactie op de West-Afrikaanse ebola-epidemie, stelt nieuw boek van Artsen Zonder Grenzen

Maandag 20 februari 2017 — Uit een boek van Artsen Zonder Grenzen dat vandaag verschijnt, blijkt dat de reacties op de West-Afrikaanse ebola-epidemie werden ingegeven door angst, in plaats van door medische prioriteiten. The Politics of Fear toont hoe voor regeringen en organisaties veiligheidskwesties belangrijker waren dan de patiënten en hun verzorging. Desinformatie, paniek en isolatie speelden een belangrijke rol in de respons, en het is onduidelijk of een soortgelijke epidemie in de toekomst beter zal worden aangepakt.

Het boek bevat bijdragen van medewerkers van Artsen Zonder Grenzen en externe auteurs, en geeft vanuit verschillende invalshoeken (politiek, antropologisch, medische, ethisch, historisch) kritische en diepgaande analyses van de onverwachte start en oncontroleerbare verspreiding van de epidemie, en van de enorme uitdagingen voor de hulpverlening. Onder meer ethische vragen over quarantaine, experimentele medicijnen en de spanning tussen de kwaliteit en kwantiteit van zorgverlening worden behandeld.

Uiteindelijk waren er 28.646 officieel vastgestelde gevallen van ebola, en overleden 11.323 patiënten aan de ziekte in Guinee, Sierra Leone en Liberia.

De verschillende bijdragen leggen uit hoe het aantal slachtoffers aanzienlijk lager had kunnen liggen als de internationale gemeenschap sneller en drastischer had ingegrepen. De epidemie legde de zwaktes van de internationale hulpverlening – waartoe ook Artsen Zonder Grenzen behoort – bloot, en er is niemand die geen deel van de schuld treft. The Politics of Fear wil de fouten uit het verleden helpen begrijpen om beter te kunnen ingrijpen morgen.

Het boek ontstond uit de wens van Artsen Zonder Grenzen om een beter inzicht te krijgen in de politieke dimensie van de epidemie, en haar eigen rol daarin. De organisatie opende daarom ook haar interne archieven voor de auteurs. Zo zijn er kritische noten over de oproep van Artsen Zonder Grenzen om militairen in te zetten, en de manier waarop de organisatie deelnam aan de klinische studies tijdens de epidemie. Het boek bevat ook enkele persoonlijke getuigenissen, onder meer over de controversiële dood van de Sierra Leoonse arts Khan, die geen experimentele medicijnen toegediend kreeg.

“Toch is dit geen boek over wie gelijk had en wie ongelijk. Het is een boek over de uitdagingen en vragen van hulpverlening tijdens een dergelijke epidemie, die vaak een snelle keuze eist tussen imperfecte opties in een onmogelijke situatie,” zegt Michiel Hofman, co-redacteur van het boek. “Voor sommige kwesties hebben we antwoorden, maar voor andere hebben we alleen maar méér vragen.”

Heel wat van die vragen zullen een antwoord moeten krijgen als we een volgende epidemie adequater willen aanpakken. “Als er morgen een nieuwe epidemie uitbreekt, is het niet zeker wie hulp zou bieden”, stelt Armand Sprecher, arts en ebola-expert voor Artsen Zonder Grenzen, die ook meeschreef. “We weten niet welke medicijnen getest zouden worden, en ook niet op wie, en we weten ook niet – en dat is misschien het belangrijkste – wie die beslissingen zou nemen. Dat is zorgwekkend.”

Op 21 maart 2014 werd vastgesteld dat er een ebola-epidemie uitgebroken was in het West-Afrikaanse land Guinee. Op 31 maart 2014 werd ook in buurland Liberia de epidemie officieel uitgeroepen, en op 26 mei 2014 volgde Sierra Leone. Omdat het virus nooit eerder in die regio was gevonden, verraste het iedereen: de lokale bevolking, de regeringen van de getroffen landen, en gezondheidsexperts. Zo kon de epidemie uitgroeien tot de grootste en meest dodelijke ooit.

Artsen Zonder Grenzen was al vanaf maart 2014 sterk betrokken in de hulpverlening. De epidemie werd echter snel veel te groot om alleen door Artsen Zonder Grenzen gestopt te kunnen worden, en de organisatie trok verscheidene keren aan de alarmbel. Maar de wereld reageerde traag en aarzelend. Uiteindelijk werd er pas in het najaar van 2014 echt ingegrepen, nadat ook in westerse landen patiënten met ebola opdoken. Toch duurde het nog tot maart 2016 eer de epidemie een volledige halt toegeroepen werd.

Uiteindelijk raakten officieel 28.646 mensen besmet, van wie er 11.323 het leven lieten. Deze officiële cijfers zijn wellicht onderschattingen, en brengen ook de indirecte slachtoffers niet in rekening. Omdat de ebola het hele systeem van gezondheidszorg verlamde, maakten ook andere ziektes, zoals malaria, extra veel doden.

Artsen Zonder Grenzen zette ebola-klinieken op  in elf verschillende plaatsen in de drie zwaarst getroffen landen, leidde tientallen medewerkers van andere organisaties en honderden extra medewerkers op, en verleende technisch advies aan regeringen, en leverde bijdragen aan klinische studies naar geneesmiddelen en een vaccin tegen de ziekte.

Published with Prezly